Grote Prijs Jan Coldewey 2015

Geschreven door Carlijn

 

Al jaren is mijn wens om mee te mogen doen met de GPJC. Deze wedstrijd is voor het laatst in 2012 georganiseerd, maar op dat moment wist ik eigenlijk nog helemaal niets van deze proef. Ik vond dat ik me eerst moest verdiepen in wat deze wedstrijd inhoudt, voordat ik ook maar zou overwegen om mee te willen doen. En Loeka was toen nog maar 3,5 jaar, dus nog tijd genoeg om te wachten op de volgende GPJC, die in 2015 weer in de planning stond.

Grote Prijs Jan Coldewey 2015

Ossendrecht, Noord-Brabant

16 & 17 oktober 2015

De GPJC is een proef voor alleen staande honden. Het is een vijfkamp om precies te zijn, waarbij de honden, verspreid over twee dagen, de volgende onderdelen af moeten leggen:

- Veldwedstrijd

- Apporteerwedstrijd ter drijfjacht

- KJV-proef

- Zweetproef

- Exterieurkeuring 


Hoewel deze wedstrijd, in tegenstelling tot de NIMROD, niet op uitnodiging is, moeten er wel punten behaald worden om voor deelname in aanmerking te komen. Deze punten kunnen in de jaren voorafgaand aan de GPJC verzameld worden. Er worden voor bepaalde diploma’s en kwalificaties (op die vijf onderdelen) punten toegekend, afhankelijk van de hoogte van het diploma of de kwalificatie. Om in aanmerking voor deelname te komen, moet een hond minimaal 7 punten behaald hebben op één of meerdere van die vijf onderdelen. 


Nadat ik me na de GPJC in 2012 wat meer verdiept had in deze proef, wist ik dat ik aan deze proef mee wilde doen! Het verzamelen van de punten kon beginnen. In 2015 was het dan zover: de inschrijving voor de GPJC op 16 en 17 oktober werd geopend. Al ruim op tijd had Loeka al voldoende punten, dus na het inschrijven was het afwachten of we daadwerkelijk mee mochten doen.


Eindelijk kwam het verlossende telefoontje: Loeka en ik mochten meedoen met de Grote Prijs Jan Coldewey 2015!


Op vrijdag 16 oktober werden we al vroeg verwacht bij de Volksabdij te Ossendrecht. Gelukkig hadden we een B&B in de buurt kunnen vinden, zodat we niet al heel vroeg in de auto hoefden te stappen.  


Ons eerste onderdeel: het zweetwerk

Na het aanmelden en het ontvangen van het programmaboekje, werd ook bekend in welke volgorde wij de vijf verschillende onderdelen af moesten leggen. Op vrijdagochtend mochten we beginnen met de zweetproef. Eén van onze favoriete onderdelen. Hoewel het ’s nachts flink had geregend en het meeste zweet weggespoeld zou zijn, maakte ik zich geen zorgen: dit moest Loeka makkelijk kunnen. Vol vertrouwen gingen wij dus van start. Het eerste stuk ging goed, Loeka zat duidelijk op het spoor. Na een tijdje vond ik het eerste verwijspunt, een teken dat we goed zaten. Maar na een tijdje begon ik toch aan Loeka te twijfelen, want Loeka liep precies op een vers reeënspoor. Toch de gok genomen en Loeka door laten lopen. Achteraf stom, want dit bleek inderdaad een verleiding te zijn. De eerste afroep was het gevolg. 


Omdat dat ene verwijspunt op dat moment het enige houvast was, besloot ik Loeka daar weer opnieuw in te zetten. Loeka wilde weer richting die verleiding, maar omdat we daar onze afroep hadden gekregen, dacht ik dat dat de verkeerde richting was. Na veel rommelen kreeg ik Loeka zover dat ze een andere richting op ging. Maar er volgde een tweede afroep. Shit, we zaten dus weer fout! Het begon letterlijk te zweten voor mij, want een derde afroep betekent einde proef. Dus op hoop van zegen besloot ik om Loeka weer vanaf het verwijspunt in te zetten en op haar te vertrouwen. Weer liep Loeka dezelfde richting op als dat ze in eerste instantie ook deed, dus richting die verleiding. Nu liep ze echter wel een aantal meters links daarvan, dus hopelijk was dat goed. De afroep die ik verwachtte kwam niet, dus we gingen nog goed. Na een tijdje ging de neus van Loeka omhoog en begon ze rond te lopen; een teken dat ze het spoor kwijt was. Een meter rechts van mij zag ik een wondbed, dat betekent dat het spoor daar een haak maakt. Dus Loeka op het wondbed ingezet en daar ging ze weer, met de neus netjes aan de grond. We gingen goed!


Na een stukje door het bos, kwamen we op een gegeven moment op een pas uit, deze stak Loeka netjes over, maar daar ging toch het neusje weer de lucht in. Omdat we al twee afroepen hadden, en ik dacht dat Loeka weer fout zat, besloot ik Loeka toch weer even terug te halen tot aan de plek waar we het bos uitkwamen. Vandaar zouden we het spoor wel weer vinden, dacht ik.


Dus Loeka aan de bosrand neergezet, zodat ik zelf even kon rondkijken. Ik kon geen aanwijzingen vinden van waar het spoor zou moeten lopen, dus probeerde ik Loeka een aantal keer te laten zoeken. Maar Loeka leek het spoor niet op te pakken. 


Door de eerste twee afroepen hadden we al heel veel tijd verloren, en met dit gerommel verloren we nog meer tijd, totdat onze tijd helemaal op was. We moesten stoppen. De keurmeesters legden uit dat Loeka, toen zij het pad overstak, perfect op het spoor zat. Op de plek waar het neusje de lucht in ging, en Loeka naar rechts wilde, daar was een blinde haak. Het spoor ging daar naar rechts en daardoor kwam Loeka in de verwaaiing van het stuk. Ook bleek daar een verwijspunt te liggen. Schijnbaar was ik daar al een aantal keren over heen gelopen zonder het te zien...


Stomme ik! Knappe hond! Loeka zat dus gewoon perfect op het spoor en ik heb haar daar af gehaald. Daardoor dacht Loeka dat ze daar niet meer heen moest en begon ze andere dingen te zoeken en kreeg ik de indruk dat ze het niet kon vinden. 


De eerste proef van de wedstrijd, en die ik meteen heb verknald. Wat was ik boos op mijzelf! Er hebben daardoor wel een paar tranen gevloeid...


Ons tweede onderdeel: het veldwerk

’s Middags stond voor ons het veldwerk op het programma. Nu is Loeka niet bepaald een goede ‘najaarshond’, dus erg veel verwachting had ik hier niet van. Het veld waar wij in moesten lopen, bleek vol met fazanten te zitten. De één na de ander ging op, maar er was nog geen enkele hond geweest die een punt had gemaakt. Nu was het onze beurt. Loeka had nog nooit in een veld gelopen waar zoveel fazanten zaten als in dit veld, dus Loeka wist (letterlijk) niet waar ze het moest zoeken. Ze wilde niet eens bij mij weg, zoveel luchtjes zaten er. Na veel moeite begon ze toch te lopen, maar stond al snel voor. Op een warme plek, aan haar houding te zien, dus lijnde ik Loeka aan en liet haar weer op een andere plek los. Niet veel later stond ze weer met de kop onder de bieten. Omdat ik haar eigenlijk weer aan wilde lijnen om haar een stukje verder weer os te laten, liep ik naar Loeka toe. Eenmaal bij haar, vloog er een fazant op en de keurmeester riep dat ik moest schieten. Waarom wist ik niet, want ik had niet het idee dat Loeka voor had gestaan. Maar toch deed ik braaf wat de keurmeester zei en schoot met mijn alarmpistool. Loeka bleef netjes steady, zoals ik van haar gewend was. Ik mocht verder, maar Loeka bleef te dicht bij mij. Aan het einde van het veld was mijn beurt voorbij. Volgens de keurmeester was het onvoldoende, en daar kon ik het alleen maar mee eens zijn!


Toch genoten van onze loop, want ik gunde Loeka wild in het veld en dat kreeg ze! Het was voor Loeka dan toch niet voor ‘niets’ geweest.

Het derde onderdeel: exterieurkeuring

Het einde van de dag was genaderd en het was tijd voor de exterieurkeuring. Alle deelnemende honden werden per ras opgeroepen en werden beoordeeld op hun bouw en vacht. Een jachthond moet natuurlijk goed in elkaar zitten om zijn werk te kunnen doen en lang vol te kunnen houden. Eke hond werd dan ook hierop beoordeeld. De honden die volgens de keurmeester het meest geschikt waren, wat exterieur betreft, kregen hogere punten dan de honden die minder geschikt waren, volgens de keurmeester. 

Halverwege de keuring werd medegedeeld dat het stamppotbuffet klaar was en dat we konden eten. Dit deden we in de Volksabdij met alle deelnemers, keurmeesters en helpers. 

 

Na het eten werden de overige honden gekeurd, waaronder de (drie) korthaar Weimaraners. Wij waren direct na het eten aan de beurt, wat niet prettig rennen was! Want net als op een ‘echte’ show, moest natuurlijk ook het gangwerk beoordeeld worden. Uiteindelijk werd Loeka als tweede geplaatst, waar ik natuurlijk erg blij mee was!

 

Inmiddels was het al laat in de avond en tijd om ons bed in de B&B op te zoeken. De volgende dag zou het alweer vroeg dag zijn...

Ons vierde onderdeel: de KJV-proef

Ook de zaterdagochtend begon alweer vroeg, voor ons met de KJV-proef. Dit hebben wij al zo vaak gedaan, dat moest goed komen. De C- en B-onderdelen gingen makkelijk. In totaal haalden we 77 punten (zo’n hoog B-diploma hadden we nog nooit gehaald!). Nu was het tijd voor de A-onderdelen: de dirigeerproef en de sleep. Iedereen mocht beide A-onderdelen doen, ongeacht of je de dirigeerproef wel of niet haalde.

 

Er werd begonnen met de dirigeerproef. Deze dag er niet al te moeilijk uit, maar een aantal goede A-honden haalden deze proef niet. Nu was het onze beurt. Bij het wegsturen merkte ik al aan Loeka dat ze anders vertrok dan normaal. De was minder snel en ging al snel naar rechts, in plaats van dat ze vooruit bleef gaan. Het zitten op de fluit ging ook niet netjes, maar we wisten bij het stoppunt te komen. We mochten door naar de eend (er waren geen duiven…), welke op rechts lag. Halverwege deze lijn ging Loeka’s neus aan de grond en ging ze naar links. Wat ik ook probeerde, ik kreeg Loeka niet meer terug naar rechts, met als gevolg dat er (en terecht) drie boekjes omhoog gingen en het einde dirigeerproef was.

 

Het leuke aan deze KJV-proef was dat we de sleep nog wel mochten doen. Ik kan niet anders zeggen dan dat deze gewoon goed ging, waardoor we in totaal op de C-, B- en A-onderdelen (exclusief de dirigeerproef) 86 punten haalden. Netjes toch?

Ons vijfde onderdeel: de apporteerwedstrijd ter drijfjacht

Het laatste onderdeel alweer van deze GPJC: de apporteerwedstrijd. Nog nooit gedaan, dus ik ging er heel blanco naar toe. Wat was de bedoeling: je staat met je hond op post, terwijl er (voor je) een veld of bosperceel wordt uitgedreven door een groep jagers en drijvers. Wanneer er wild uit komt (duif, eend, fazant, haas, konijn) dan mag dit geschoten worden. De keurmeesters bepalen dan welke hond welk stuk wild mag apporteren.

 

We begonnen met drie honden op post. Voor de zekerheid, omdat dit nieuw was voor zowel Loek als mij, koos ik ervoor om Loeka aangelijnd voor te jagen. Er kan dan hoogstens een kwalificatie ZG behaald worden, maar ik zou al blij zijn als Loeka überhaupt een apport binnen zou brengen.

Als snel mocht de eerste hond de wedstrijd verlaten in verband met piepen op post. Dat is niet toegestaan.

 

Na een eerste drift, waarbij er geen wild gezien werd, moesten we met de keurmeester meelopen naar een ander veld. Daar moesten we weer op post staan. Ook tijdens deze drift werd er geen wild gezien, dus we verplaatsten nogmaals. Nu werd er een haas het veld uitgedreven, welke vlak voor Loeka langs rende. Natuurlijk vond Loeka dit reuze interessant, maar ze bleef keurig zitten.

 

We moesten weer verplaatsen naar een ander veld, een grasveld met daarnaast een sloot. Daarachter lag een mosterdveld. Hier wisten de jagers drie eenden te schieten. Eén viel ergens in de mosterd, de andere twee op het weiland. Tijdens het wachten moest ook de andere hond het veld verlaten wegens piepen. Loeka en ik waren dus nog als enige over. De keurmeester besloot dat Loeka de eend uit de mosterd mocht apporteren. Dit hadden we nog nooit gedaan, dus ik was heel benieuwd hoe Loeka dit zou oplossen. Ik stuurde Loeka ‘over’ en de mosterd in met een ‘zoek apport’. Omdat de mosterd ongeveer net zo hoog was als ik, kon ik Loeka niet meer zien. Ik moest dus nu echt op haar vertrouwen. Opeens zag ik wat bewegen en daar kwam Loeka alweer terug, MET eend! Wat was ik trots en blij dat Loeka dit zo netjes had gedaan! De eerste punten waren binnen!

 

Loeka’s beurt was voorbij en we moesten wisselen van keurmeester. Nu stond ik met Loeka langs een bietenveld, welke werd uitgedreven en waar een haas uitkwam, die  ook nu weer voor Loeka langs moest rennen. Er werden een fazant en een paar duiven geschoten. Het was aan Loeka om één van die duiven (aangewezen door de keurmeester) te apporteren. Omdat Loeka nog een beetje in de richting van de haas aan het kijken was, liet ik haar iets bijdraaien, van die haas weg, en stuurde haar het bietenveld in. Loeka had die duif wel zien vallen, dus ze ging gelukkig de goede kant op en niet naar die haas. Toch lukte het niet om Loeka bij die duif te krijgen en na een tijdje was onze beurt dan ook voorbij en mocht een andere hond het proberen. Omdat het deze hond wel lukte, was het voor ons einde wedstrijd.

 

Ondanks dat ik totaal niet wist wat ik moest verwachten en wij dit nog nooit hadden gedaan, ben ik zeker niet ontevreden. In tegenstelling juist: Loeka heeft zelfstandig een warme eend geapporteerd uit een mosterdveld! Daar kan ik alleen maar trots op zijn!

De uitslag

Na de apporteerwedstrijd was voor ons de GPJC 2015 alweer afgelopen. Erg jammer, want ondanks dat we niet hebben gehaald wat we wilden halen, hebben we twee hele leuke dagen gehad en heeft Loeka ontzettend goed gewerkt! Het was een erg gezellige en ontspannen wedstrijd, waar iedereen met elkaar meeleefde en iedereen elkaar een kwalificatie gunde. En zo hoort het!

 

Gelukkig hoef je op de GPJC niet alle onderdelen de halen of te winnen om punten te krijgen, dan zou het wel heel moeilijk worden. Voor alles wat je samen met je hond hebt laten zien, krijg je zogenaamde ‘Coldeweypunten’. De combinatie met de meeste punten is dan de winnaar van de Grote Prijs Jan Coldewey.

 

Van de 23 deelnemende honden, werden Loeka en ik gewoon 9de, met 245 punten! We zaten dus in de top 10 van de beste staande honden van Nederland! Dat hadden we op vrijdagochtend nooit durven dromen! 

 

We blijven nog even verder dromen van ons persoonlijke succes en hopelijk kunnen wij dit over drie jaar met Mali overdoen.